Arena-arrest

Hoe is de WEGAS ontstaan? We gaan terug naar 2001 waar in Amsterdam op dat moment de Arena wordt gebouwd. Het Arena-arrest.

Het Arena-arrest heeft verstrekkende gevolgen voor werkgevers

Werkgeversaansprakelijkheid woon-werkverkeer na het Arena-arrest
Werkgeversaansprakelijkheid woon-werkverkeer na het Arena-arrest

Inmiddels is het 17 jaar geleden dat de Hoge Raad zich uitsprak over de zaak HR 12 januari 2001, LJN AA9434, NJ 2001, 253, (Vonk/Van der Hoeven), beter bekend als het ‘Arena-arrest’.

Deze zaak is aangespannen door de bestuurder van het busje en slachtoffer van he tverkeersongeval in 1995, dat plaats vond na afloop van de werkzaamheden aan de toen in aanbouw zijnde Amsterdam Arena. Jonge mensen, allen collega’s met zeer ernstig letsel. Van de slachtoffers die als passagier in het busje zaten, werd de aansprakelijkheid snel erkend door de verzekeraar van het motorrijtuig. Voor hen kon direct worden gestart met de schaderegeling. De jongeman, wiens beurt het was om het bestelbusje op de dag van het ongeval te besturen, viel echter buiten deze regeling. De letselschadeadvocaat heeft zich in de materie verdiept omdat zij het niet uit te leggen vond dat het ene slachtoffer (de passagier) wel en het andere slachtoffer (de bestuurder) geen schadevergoeding ontving.

Nieuwe verzekeringen ten gevolge van het Arena-arrest

Het signaleren van hiaten in wet- en regelgeving is voor een letselschadeadvocaat niet meer dan normaal. Het Arena-arrest heeft verstrekkende gevolgen voor werkgevers en heeft het landschap van werkgeversaansprakelijkheid ingrijpend veranderd. Het komt vaker voor dat verzekeringsproducten worden aangepast op basis van een arrest maar deze nieuwe dekkingsbehoefte was zware kost voor de productontwikkelaars bij de verzekeraars.

Desondanks duurde het minder dan een jaar voordat de eerste WEGAS-verzekering werd afgesloten. De verzekering bood vanaf dat moment dekking voor de aansprakelijkheid van de werkgever (op basis van art. 7:611 BW: goed werkgeverschap, redelijkheid en billijkheid) voor schade die een werknemer als bestuurder van een motorrijtuig lijdt, bij een door hemzelf, tijdens de uitoefening van zijn werkzaamheden veroorzaakt verkeersongeval.

Collectieve ongevallenverzekering ontoereikend

De daarop volgende vijftien jaar loopt het over van nieuwe jurisprudentie. Woon-werkverkeer, werkgerelateerde activiteiten, fietsers, openbaar vervoer. Keer keer een toevoeging op de schadevergoedingsplicht van de werkgever. Opvallend genoeg zijn veel CAO’s niet met de tijd meegegaan. In CAO’s staat vaak dat werkgevers een collectieve ongevallenverzekering voor werknemers moeten afsluiten. Dit product is denkt niet alle aansprakelijkheidsrisico’s; de lage verzekerde som kan in veel gevallen de werkelijk geleden schade niet bij benadering vergoeden.

Veranderende arbeidsmarkt

De arbeidsmarkt verandert waarbij het inzetten van flexibel personeel – denk aan zzp’ers, freelancers, uitzendkrachten en payrollers – komt steeds vaker voor. De aanname dat er geen sprake is van een arbeidsovereenkomst kan achteraf heel anders worden beoordeeld door een rechter. Een werkgever moet beseffen dat dus niet alleen haar eigen vaste werknemers moeten verzekeren, maar ook het ingeleende personeel, zzp’ers, freelancers, stagiaires, vrijwilligers en zo voort.

Zo heeft de rechtbank Noord-Holland in 2016 een uitspraak gedaan in een zaak die door drie pakketbezorgers van PostNL was aangespannen. PostNL maakte op dat moment voor de pakketverzorging onder andere gebruik van om en nabij de 1.100 zelfstandige pakketbezorgers waarmee zei vervoersovereenkomsten heeft gesloten. In deze zaak was van belang of de vervoersovereenkomst gezien werd als een arbeidsovereenkomst of als een overeenkomst van opdracht. De kantonrechter verklaarde dat van twee van de drie bezorgers de vervoersovereenkomst een arbeidsovereenkomst is. Dus, verzeker ook het ingeleende personeel om zo het risico te dekken.

Bron: Bewerking op het oorspronkelijke artikel