Het (tijdelijk) verliezen van het vermogen om taken in en rondom het huis te verrichten, noemen we verlies van zelfwerkzaamheid. De aansprakelijke partij betaalt bijvoorbeeld een vergoeding als u door letselschade tijdelijk niet kan klussen, schilderen of in de tuin kan werken.
Tijdelijk of permanent geen tuinwerk of klussen kunnen verrichten, veroorzaakt schade. Dit noemen we verlies van zelfredzaamheid. We berekenen dit onderdeel van de letselschadevergoeding in de meeste gevallen aan de hand van de Letselschade Richtlijn Zelfwerkzaamheid. De richtlijn Zelfwerkzaamheid bevat een jaarlijkse vergoeding die afhankelijk is van de eigendomssituatie (huur of koop) en het type woning (wel of geen tuin, vrijstaand of rijtjeshuis). De vergoeding is een jaarlijks bedrag tussen de € 134,– en € 1990,–.
Richtlijn Zelfwerkzaamheid
Onder zelfwerkzaamheid zijn de volgende reguliere onderhoudswerkzaamheden begrepen:
- Reparatiewerkzaamheden in en aan de woning;
- Schilderwerk in en aan de woning, evenals het aanbrengen van
behangpapier of wandbekleding; - Tuinonderhoud, inclusief het onderhouden van paden, terrassen, schuren en schuttingen.
Het type woning, eigen of huur, beïnvloedt de aansprakelijkheid voor reparaties. Bij een huurwoning neemt de verhuurder vaak grote reparaties voor zijn rekening. Huurders zijn meestal alleen verantwoordelijk voor taken zoals binnen schilderwerk, behangen en kleine reparaties.

Gratis rechtsbijstand en advies bij letselschade
Schadevergoedingstabel verlies zelfwerkzaamheid
De hieronder genoemde bedragen gelden vanaf vanaf 1 januari 2025 betreffen de schadevergoeding per jaar:
- Eigen woning met tuin – alle onderhoud € 1.531,00
- Eigen woning met tuin – weinig onderhoud € 766,00
- Eigen woning zonder tuin – alle onderhoud € 995,00
- Eigen woning zonder tuin – weinig onderhoud € 383,00
- Huurwoning met tuin – alle onderhoud € 766,00
- Huurwoning met tuin – weinig onderhoud € 383,00
- Huurwoning zonder tuin – alle onderhoud € 498,00
- Huurwoning zonder tuin – weinig onderhoud € 192,00
Bovenstaande normbedragen zijn gebaseerd op de technische rekenvoorbeelden voor schilderwerk en tuinonderhoud. Hierbij is uitgegaan van een twee-onder-een-kapwoning of hoekwoning. Daarbij wordt onderscheid gemaakt in de kosten van onderhoud voor een viertal woningtypen:
- Vrijstaande woning – verhoudingsgetal 1.3
- Twee-onder-een-kapwoning of hoekwoning – verhoudingsgetal 1
- Rijtjeshuis – verhoudingsgetal 0.8
- Flat of appartement – verhoudingsgetal 0.7
Vaststelling van de schadevergoeding:
- Het normbedrag wordt afgestemd op de beperking in zelfwerkzaamheid. Samen bepalen we de beperking, uitgedrukt in percentages: 25, 50, 75 of 100%. Dit percentage vertelt ons hoeveel u elk jaar aan vergoeding krijgt.
- Bij het bepalen van de duur van toekomstige schade rekenen we tot een leeftijd van 70 jaar, zonder sterftekanscorrectie. De kapitalisatie van toekomstige schade is gebaseerd op de op dat moment geldende rekenrente.
- Bij specifieke situaties rondom de woning, tuin of persoonlijke omstandigheden van het slachtoffer die niet vallen onder standaardvergoedingen, dient de letselschade nauwkeurig bepaald te worden.
Indexering
Elk jaar controleren we de normbedragen aan de hand van het CBS-loonindexcijfer (peildatum 1 januari). Bij een loonstijging van minimaal 5% sinds de laatste aanpassing, worden de normbedragen verhoogd.
Gratis rechtsbijstand en advies bij letselschade
Bel naar 0800 44 55 000, stuur een e-mail naar info@letselschadeadvocaat.nl of vul het onderstaande contactformulier in.







